Nieuwsbrief nr. 5

Nu willen we graag Dianne Michorius aan het woord laten. Ze was samen met Truus een steun en toeverlaat voor Pascal Michorius na het overlijden van Marinus op 48 jarige leeftijd. Veel te jong is hij er van tussen gegaan. Hij was een bijzonder persoon. Nu nog steeds komen er mooie verhalen over tafel. Dianne Michorius Toen mijn vader overleed was ik 19 jaar en zat in het laatste jaar van de middelbare ondernemers school. Op aanraden van mijn moeder heb ik deze school afgemaakt.

Hoe gingen we verder na het verlies van onze vader

Als ik thuis kwam van school ging ik samen met mijn moeder en mijn broer aan het werk op kantoor, in die tijd hadden we nog geen computer en terwijl mijn moeder de facturen maakte op de typmachine maakte ik kalk-tekeningen op de tekentafel. Eerst de woningen tekenen en daarna de cv-installatie erin plaatsen. Het berekenen van een cv-installatie heb ik van mijn broer geleerd.

Na de school te hebben afgemaakt ging ik de bouw op. In weer en wind cv-installaties maken door heel Nederland en Duitsland. We hadden 3 ploegen en afhankelijk van de grote van de woning ging je s’morgens met 2 of 3 man weg.

Mijn collega’s  

Als ik geluk had mocht ik met Laurens van Goethem mee. Laurens had meestal de bijzondere dingen zoals goten leggen of storingen verhelpen. Laurens had veel kennis en ik mocht altijd alles vragen en proberen. Als ik pech had moest ik vloerverwarming leggen, dit deed ik vaak met Ben Huisstede. Dat was gemakkelijk voor mij omdat ik zo klein ben hoef ik niet zo diep te bukken. ( jaja, pascal vond het zelf ook geen leuk werk 😉

Met bouwen verder weg wilden we op tijd richting huis. Alfons Jannink hield de tijd strak in de gaten. Om de boel iets te versnellen maakten we weddenschappen. Diegene die als laatste klaar was moest de terugweg de gehaktballen betalen. Frans Exterkate maakte je de kachel niet aan en werd hier dan ook niets anders van, hij kreeg hoe dan ook toch wel een gehaktbal.

Een meisje op de bouw

Het was zwaar werk maar ook heel gezellig. Vooral als de aftimmerploeg van bouwbedrijf Wijlens ook op de bouw waren. Bertus en Robert konden ouwehoeren voor 10. Bertus was zelf zo gek om met mij op zoek te gaan naar een wc in de buurt ( er was nooit een dixi ) Het was trouwens ook altijd handig als er meer mannen op de bouwen waren want dan vonden ze het zielig voor mij en hielpen wel even de cv-ketels naar zolder te tillen. Omdat we veel samenwerkten met bouwbedrijf Wijlens kwamen we overal. We hebben veel bouwen in Duitsland gehad en zelfs in Leipzig. Dan gingen we in de kost. Zondagnacht weg en donderdagavond er weer. De mensen daar waren heel vriendelijk en in het hotel kon je goed eten alleen de ober zweette heel erg en zijn zweetdruppels belanden wel eens in je eten als je zelf niet oplette. De Volkswagen transporter was speciaal hiervoor aangeschaft. Deze werd tot de nok toe gevuld. Toen we een keer bij de grens werden gecontroleerd moesten we van de politie de achterdeuren openen. Wij vonden dit niet z’n goed idee maar dan deed de politie het zelf wel even. Alfons en ik deden al een stap naar achteren, maar goed ook want alles kwam je tegemoet toen de deuren werden geopend. De politie stond een beetje met de handen in de haren. We moesten maar snel alles weer inpakken en weiter fahren.

Zaterdag werk Op zaterdag was het klusjesdag. De werkplaats opruimen, bussen wassen en eventueel storingen verhelpen. Samen met Bernard ten Hoopen heb ik heel wat uurtjes opgeruimd. Soms kwam er zaterdagavond ( voor het uitgaan ) nog een storing, zit je net lekker in bad kun je er weer uit. Er belde een meneer die het koud had in zijn huis. Pascal was er niet dus ik moest erheen. Aangekomen bij de meneer keek hij wel een beetje sceptisch. Hij had er niet zoveel vertrouwen in dat ik dit in orde kon maken. Na wat zoekwerk kwam de oorzaak aan het licht, de bedrading van de thermostaat was eraf. De meneer kon nadien wel lachen om zichzelf; hij gaf toe dat hij niet gedacht had dat een meisje dit kon maken.

Toch wel zwaar werk

Na 9 jaar op de bouw kreeg ik steeds meer last van mijn knieën. Na controle bleek dat ze bijna versleten waren en dat ik beter ander werk kon zoeken. ( zittend achter een bureau ). Omdat er bij ons geen werk was voor 5 dagen kantoor, en het de bedoeling was dat Yvonne Michorius langzamerhand mijn functie zou overnemen, ben ik naar een ander installatiebedrijf gegaan.

In 1995 hebben mijn moeder, mijn broer en ik gezegd dat we niet de handdoek in de ring zouden gooien en dat wij het sowieso gingen proberen. Dankzij heel wat mensen die ons toen die kans gunden bestaat installatiebedrijf Michorius dit jaar 50 jaar.

Ik ben trots op mijn vader, mijn moeder, mijn broer, mijn schoonzus en mezelf.